CROW 381 is vervangen door 744: wat betekent dat voor je bouwplan?

CROW heeft publicatie 381 'Toekomstbestendig parkeren' vervangen door publicatie 744 'Parkeerkencijfers, basis voor parkeernormering', aangekondigd op 19 juni 2024. In de praktijk blijken de nieuwe landelijke cijfers vaak lager te liggen dan wat gemeentelijke nota's nu voorschrijven. Maar je gemeente rekent pas met 744 zodra zij haar eigen Nota Parkeernormen daarop heeft aangepast, en dat gebeurt lang niet overal tegelijk.
Wat parkeerkencijfers zijn
Kennisplatform CROW verzamelt hoeveel auto’s er in Nederland gemiddeld horen bij een woning, een winkel, een kantoor of een school. Die getallen heten parkeerkencijfers, en ze zijn gedifferentieerd naar hoe stedelijk een omgeving is: hoe meer stad, hoe lager het cijfer, omdat er meer alternatieven voor de auto zijn.
Het Informatiepunt Leefomgeving, de officiële voorlichter over de Omgevingswet, zegt erover: “De kencijfers van het CROW zijn algemeen erkend. Het zijn geen normen, maar kentallen. Hiervan kan afgeweken worden.”
Dat onderscheid is belangrijk. Gemeenten nemen die kencijfers als basis voor hun eigen Nota Parkeernormen, en pas dáármee worden het regels waaraan je aanvraag getoetst wordt. Alle vijf de Limburgse gemeenten die we hebben nagekeken doen dat. Bindend is dus niet wat CROW schrijft, maar wat je eigen gemeente heeft vastgelegd.
Wat er veranderd is
CROW heeft publicatie 381 “Toekomstbestendig parkeren” vervangen door publicatie 744 “Parkeerkencijfers, basis voor parkeernormering”, aangekondigd op 19 juni 2024 en verschenen in de zomer van 2024.
Volgens CROW zijn dit de belangrijkste wijzigingen:
- Het bezoekersaandeel voor woningen is opnieuw vastgesteld en staat nu in een aparte tabel
- Appartementen worden ingedeeld naar vloeroppervlak in plaats van naar prijsklasse
- Het percentage oplaadpunten is aangepast aan de huidige verkoop van elektrische auto’s
- De aanwezigheidspercentages zijn geactualiseerd
- De publicatie is niet langer gesplitst in een deel A en een deel B
Let wel op wat die tweede wijziging in de praktijk betekent. Gemeenten nemen de CROW-indeling niet klakkeloos over, maar maken hun eigen categorieën. Maastricht baseert zich nog op de oude publicatie 381 en deelt woningen desondanks al in naar oppervlakte: “Woning, groter dan 110 m²”, “Woning, tussen 60 en 110 m²”, “Woning, tussen 30 en 60 m²” en “Woning, kleiner dan 30 m² (tiny house)”. Venlo, dat voor de niet-woonfuncties wel op 744 zit maar de woningnormen op een eigen analyse van het autobezit baseert, hanteert weer andere grenzen: boven de 100 m2, tussen 75 en 100 m2, en daaronder.
Kijk dus altijd in de nota zelf hoe de categorieën daar zijn gedefinieerd, in plaats van aan te nemen dat ze de landelijke indeling volgen.
Lager dan veel gemeentelijke normen, en dat is geen theorie
Roermond legde bij de eigen actualisatie precies uit wat dit in de praktijk betekende. Uit het collegevoorstel van 16 september 2025:
“Daar komt bij dat het landelijk kennisinstituut CROW in de zomer van 2024 nieuwe landelijke parkeerkencijfers heeft vastgesteld. Wanneer deze nieuwe landelijke cijfers worden vergeleken met de normen uit de gemeentelijke Nota Parkeernormen blijken de Roermondse normen generiek hoger dan de nieuwe landelijke kencijfers.”
En, veelzeggend voor iedereen die met een gemeente onderhandelt over een plan:
“Het is aan initiatiefnemers lastig uit te leggen dat de Roermondse normen hoger zijn dan landelijk wordt voorgeschreven.”
Het voorstel stelt de normen daarop naar beneden bij in het centrum, de schil en de rest van de bebouwde kom, en in de buitengebieden juist omhoog, omdat het autobezit daar hoger ligt dan het oude gemiddelde suggereerde. De nota uit 2021 is volgens het officiële register vervallen per 12 november 2025.
Waarom je gemeente misschien nog met de oude cijfers rekent
Een nieuwe CROW-publicatie werkt niet automatisch door. Een gemeente moet haar eigen Nota Parkeernormen aanpassen, en dat is een besluit van het college en de raad. Tot dat moment geldt de oude nota, met de oude cijfers.
In Limburg loopt dat sterk uiteen. Venlo baseert zich op 744, Roermond heeft zijn normen eind 2025 geactualiseerd (de formele publicatie in het register stond bij het schrijven nog uit), en Heerlen en Maastricht rekenen nog met 381 uit 2018. Sittard-Geleen zit zelfs nog op publicatie 182 uit 2008. Het volledige overzicht, met per gemeente de bron, staat in het artikel over parkeernormen per Limburgse gemeente.
Bovendien neemt een gemeente de landelijke cijfers zelden een-op-een over. Roermond schrijft expliciet dat het de nieuwe CROW-kencijfers spiegelt aan eigen CBS-gegevens over het autobezit in de gemeente, en er dus van afwijkt waar dat beter past.
En de Omgevingswet dan?
Sinds de invoering van de Omgevingswet regelen gemeenten parkeernormen in het omgevingsplan. Dat kan op twee manieren, aldus het Informatiepunt Leefomgeving: rechtstreeks met regels in het omgevingsplan zelf, of door het parkeerbeleid “als dynamische beleidsregel aan het omgevingsplan” te koppelen. Die tweede vorm “biedt flexibiliteit om het parkeerbeleid aan te passen, zonder het omgevingsplan aan te passen”.
Die dynamische verwijzing is de reden dat een gemeente haar parkeernormen kan vernieuwen zonder een zware planprocedure. Het is ook de reden dat je bij een aanvraag altijd moet controleren welke versie van de nota op dát moment geldt.
Gemeenten hebben overigens nog ruim de tijd om hun omgevingsplan helemaal op orde te brengen. Het Informatiepunt Leefomgeving schrijft: “Tijdens de overgangsfase tot eind 2031 krijgen gemeenten de tijd om het omgevingsplan van rechtswege om te vormen tot 1 omgevingsplan voor de hele gemeente.” Tot die tijd blijft het per gemeente uitzoekwerk.
Wat je hiermee doet
Controleer op welke CROW-publicatie de nota van jouw gemeente rust. Dat staat er meestal letterlijk in. Is dat nog 381 of ouder, dan reken je met verouderde gemiddelden.
Reken niet zelf met 744 als je gemeente dat nog niet doet. De gemeentelijke nota is bindend bij de toets, niet de landelijke publicatie.
Maar gebruik het verschil wel als argument. Als de landelijke cijfers inmiddels lager liggen dan de gemeentelijke norm, is dat een legitiem gespreksonderwerp. Het citaat van Roermond hierboven laat zien dat gemeenten dat zelf ook zo zien.
Onderbouw het met een meting. Een argument over landelijke gemiddelden wordt pas sterk als je laat zien wat er op jouw locatie werkelijk gebeurt. Een parkeerdrukmeting toont de feitelijke bezetting op de maatgevende momenten. Bij Roermond waren het precies zulke metingen die bevestigden dat de eigen normen niet meer aansloten op het werkelijke autobezit. Zie de parkeerdrukmeting van ParkLab voor hoe zo’n meting werkt.
Deze pagina veroudert
Welke gemeente op welke CROW-publicatie rust, verandert zodra een gemeente haar nota actualiseert. Dit artikel is voor het laatst bij de bron nagelopen in augustus 2026. Controleer bij een aanvraag altijd de actuele nota van je eigen gemeente.
Verder lezen
- Parkeernormen in Limburg: welke nota geldt waar, met per gemeente op welke CROW-publicatie de norm rust
- Parkeerbalans opstellen: hoe de berekening werkt, voor de rekenmethode waarin deze kencijfers terechtkomen
Bronnen
- CROW, Parkeerkencijfers vormen basis voor parkeernormering (geraadpleegd op 8 augustus 2026)
- Vexpan, Nieuwe parkeerkencijfers vormen basis voor parkeernormering (geraadpleegd op 8 augustus 2026)
- Informatiepunt Leefomgeving, Mobiliteit en parkeren (geraadpleegd op 8 augustus 2026)
- Informatiepunt Leefomgeving, Omgevingsplan (geraadpleegd op 8 augustus 2026)
- Voorstel aan het college van de gemeente Roermond, Actualisatie Nota Parkeernormen, 16 september 2025 (geraadpleegd op 8 augustus 2026)