ParkLab

Kennis

Hoe bereken je de parkeerdruk?

Straat onder bomen met geparkeerde auto's, fietsen en een parkeerbord

Parkeerdruk bereken je door het aantal geparkeerde auto's te delen door het aantal parkeerplaatsen, per straat en per meetmoment. Staan er zestig auto's op honderd plaatsen, dan is de parkeerdruk 60 procent. Het lastige zit niet in de deling, maar in de noemer: wat telt mee als parkeerplaats en wat niet.

De formule

Kennisplatform CROW houdt het kort: “Door het aantal geparkeerde voertuigen te delen op de parkeercapaciteit wordt de bezettingsgraad berekend.” De gemeente Nijmegen zegt hetzelfde in haar spelregels voor betaald parkeren: “De parkeerdruk wordt bepaald door het aantal bezette parkeerplaatsen te delen door het aantal reguliere openbare parkeerplaatsen in een gebied.”

Dus: zestig geparkeerde auto’s gedeeld door honderd plaatsen is een parkeerdruk van 60 procent. Meer rekenwerk is het niet.

Twee woorden lopen in de praktijk door elkaar. Een onderzoeksrapport voor de gemeente Apeldoorn maakt het onderscheid netjes: “De parkeerdruk is het aantal gelijktijdig aanwezige voertuigen op een bepaald moment. De parkeerdruk wordt ook wel de ‘bezetting’ genoemd.” En: “De bezettingsgraad is dus de verhouding tussen de parkeerdruk en de beschikbare parkeercapaciteit.” In de meeste nota’s heet dat percentage gewoon parkeerdruk. Dit artikel doet dat ook.

Wat telt mee als parkeerplaats

Hier zit het echte werk. De deling is pas iets waard als de noemer klopt, en over de noemer valt te twisten.

Het Apeldoornse rapport laat zien hoe een bureau de capaciteit indeelt. Per straat is “de aanwezige, openbare parkeercapaciteit in kaart gebracht”, met onderscheid in “openbare parkeerplaatsen; gehandicaptenparkeerplaatsen; laad-/losplaatsen; gereserveerde parkeerplaatsen voor bepaalde doelgroepen”. En: “Parkeervoorzieningen op eigen terrein zijn niet meegenomen in dit onderzoek.” In dat gebied lagen 130 plaatsen, waarvan 116 vrij bruikbaar, 2 voor gehandicapten en 12 voor laden en lossen. Van die laatste waren er acht alleen op werkdagen tussen 7 en 18 uur gereserveerd: “Buiten deze tijden kan hier vrij worden geparkeerd.”

Dat laatste is precies waarom een enkel getal niet genoeg is. Dezelfde straat heeft overdag een andere capaciteit dan ’s nachts.

Gemeenten stellen daar eisen aan. Sint-Michielsgestel schrijft voor dat “de parkeercapaciteit binnen het onderzoeksgebied éénduidig en herleidbaar” wordt “vastgesteld en weergegeven”, dat er “rekening gehouden” wordt “met de eventueel van toepassing zijnde parkeerregulering”, en dat het gebied “wordt opgedeeld in secties van maximaal 100m lengte”. Nijmegen telt “op basis van het gemeentelijk telprotocol” en rekent alleen met “reguliere openbare parkeerplaatsen”.

Voor plaatsen op eigen terrein, zoals een oprit of een garage, geldt in een parkeerbalans nog iets anders. CROW waarschuwt: “In de praktijk zal blijken dat er een groot gedeelte van het optionele aanbod niet wordt gebruikt.” Daarom telt CROW een enkele oprit zonder garage als 0,8 plaats, een garage zonder oprit als 0,4 en een garage met enkele oprit als 1,0, terwijl er in theorie twee auto’s passen. Hoe een gemeente dit meetelt is volgens CROW “een beleidskeuze”.

Wat je met foutparkeerders doet

Auto’s die half op de stoep of voor een inrit staan, tellen wel mee als geparkeerde auto, maar niet als parkeerplaats. Daardoor kan de parkeerdruk boven de 100 procent uitkomen. CROW: “Bij een bezettingsgraad hoger dan 100% staan er meer voertuigen geparkeerd dan er parkeerplaatsen beschikbaar zijn. Er zijn dan in absolute zin te weinig parkeerplaatsen beschikbaar.”

Wie het wil weten, laat het apart noteren. CROW: “Om de mate van foutparkeren te bepalen, kan bijvoorbeeld ook worden genoteerd of het betreffende voertuig legaal of illegaal is geparkeerd.”

Een rekenvoorbeeld

De gemeente Venlo geeft in haar nota een voorbeeld met ronde getallen. Op het drukste moment ligt “de parkeerdruk op 60% gemeten op 100 parkeerplaatsen”. Dat zijn dus zestig bezette plaatsen.

Wil je weten hoeveel ruimte er nog is voor een bouwplan, dan hangt dat af van de grens die de gemeente hanteert. Sint-Michielsgestel geeft daar een rekenregel voor: “De eventueel beschikbare restcapaciteit wordt berekend door de parkeerdruk in mindering te brengen op 85% van de totale parkeercapaciteit.” Pas je die regel toe op de honderd plaatsen van Venlo, dan is 85 procent van honderd 85, min zestig bezette plaatsen, dus 25 plaatsen restcapaciteit. Venlo zelf hanteert een grens van 70 procent, en komt op dezelfde straat dus uit op tien plaatsen. Welke grens waar geldt, staat in het artikel over wanneer parkeerdruk te hoog is.

Per straat en per moment, niet één gemiddelde

Een gemiddelde over een hele wijk verbergt waar het knelt. Daarom eist Sint-Michielsgestel secties van hooguit honderd meter, en daarom laat het Apeldoornse rapport de bezetting per deelgebied en per uur zien: om 23:00 uur stond één deelgebied op 100 procent terwijl het hele gebied op 25 procent zat.

En één cijfer achter de komma kan het verschil maken. De Raad van State oordeelde op 16 juli 2025 dat een parkeerdruk van 85,47 procent niet naar 85 mag worden afgerond als het beleid “onder de 85%” eist. De volledige uitspraak staat beschreven in het artikel over de grens.

Wat je hiermee doet

Leg de capaciteit eerst vast, per straat en per soort plaats. Openbaar, gehandicapten, laden en lossen, gereserveerd. Noteer ook wanneer een plaats wel of niet gebruikt mag worden.

Tel op het drukste moment. Welk moment dat is, staat in het artikel over de meetmomenten.

Deel, per sectie en per moment. Auto’s gedeeld door plaatsen. Noteer foutparkeerders apart.

Rond niet af richting de grens. Laat de cijfers achter de komma staan.

Bij een parkeerdrukmeting door ParkLab zit het capaciteitsonderzoek er altijd in, en staat de bezetting per straat en per meetmoment in het dashboard, zodat elke deling na te rekenen is.

Verder lezen

Deze pagina veroudert

Wat een gemeente meetelt als parkeerplaats staat in haar nota of telprotocol, en die worden af en toe vervangen. Dit artikel is voor het laatst bij de bron nagelopen in september 2026.

Bronnen

  1. CROW-kennisbank, Handboek parkeren, onderdeel Parkeerdrukmeting (geraadpleegd op 2 september 2026)
  2. CROW-kennisbank, Parkeerkencijfers 2024, onderdeel Parkeerbalans (stap 4 en tabel 12) (geraadpleegd op 2 september 2026)
  3. Spelregels invoering betaald parkeren 2026, gemeente Nijmegen (geraadpleegd op 2 september 2026)
  4. Nota parkeernormen 2025 gemeente Sint-Michielsgestel, vereisten parkeerdrukmeting (geraadpleegd op 2 september 2026)
  5. Parkeeronderzoek Apeldoorn omgeving Imkersplaats 38, Bureau de Groot Volker in opdracht van de gemeente Apeldoorn, 4 april 2019 (geraadpleegd op 2 september 2026)
  6. Nota parkeernormen Venlo 2026, rekenvoorbeeld bijlage 9 (geraadpleegd op 2 september 2026)
  7. Raad van State, uitspraak van 16 juli 2025, zaaknummer 202204456/1/R4, ECLI:NL:RVS:2025:3210 (geraadpleegd op 2 september 2026)